Uw Koninkrijk kome. Misschien heb jij dit ene zinnetje al duizenden keren gebeden. Ik wel schat ik in. Op sommige momenten alleen met mijn stem, terwijl mijn gedachten al bezig waren met wat er na het ‘Amen’ moest gebeuren. Maar vaak ook met mijn hele hart. Bijvoorbeeld bij een open graf…
Elke keer dat ik de kist zie zakken van iemand die mij dierbaar was, wegen de woorden van het Onze Vader ineens zwaarder dan ooit. Op momenten van afscheid of verdriet kan ik intens uitzien naar het Koninkrijk dat God ons belooft: een leven zonder pijn en gemis.
“Hij zei tegen hen: Wanneer u bidt zeg dan: Onze Vader, Die in de hemelen zijt. Uw Naam worde geheiligd. Uw Koninkrijk kome. Uw wil geschiede, zoals in de hemel, zo ook op de aarde.” (Lukas 11:2 HSV)
Verwachten
Maar ook het leed van anderen kan dat hemelse verlangen aanwakkeren. Als ik tot me door laat dringen hoeveel mensen in deze wereld lijden onder armoede, geweld, uitbuiting, discriminatie en ga zo maar door. Dan kan ik niet anders dan met een hartenkreet bidden: ‘Laat Uw Koninkrijk komen Heer.’ Het lijkt soms alsof de wereld vastzit in onrecht. Gods Koninkrijk verwachten, is voor mij hoop houden te midden van gebrokenheid.
Ook Jezus zag dat. Toen Hij vlak bij Jeruzalem was, net voor het Pesachfeest, keek Hij vanaf een afstand naar de stad. En ‘Weende Hij over haar.’ (Lukas 19:41 HSV). Jezus huilde om de vrede die haar inwoners misliepen doordat zij zich niet met God verzoenden.
Menselijke macht
Jeruzalem was het religieuze centrum in Jezus’ dagen, maar in en rond de tempel draaide het vooral om menselijke macht. Op het tempelplein werd niet God aanbeden, maar geld en controle. De armen en kwetsbaren waren niet welkom, maar werden verdrukt. Klinkt als een verhaal dat zich in deze tijd op repeat afspeelt, vind je niet?
Het Koninkrijk doen
Daarom besef ik ook steeds vaker: Uw Koninkrijk kome is geen onschuldig gebed. Het is niet alleen een verlangen naar een nieuwe wereld, maar ook een vraag die ons eigen leven raakt. Want wie bidt om Gods Koninkrijk, bidt tegelijk om een hart dat nu bereid is om te doen wat Jezus vraagt.
Het Koninkrijk van God gaat over verwachtend uitzien én doen. Over nu al bouwen aan Gods Koninkrijk hier op aarde. Hoe jij als vrouw dat kunt doen? Door zowel een Marta als Maria in je mee te dragen. Niet óf het één, óf het ander maar leven vanuit beide.
Laten we als Maria verlangen, luisteren en uitzien.
Laten we als Marta dienen, doen en praktisch uitreiken.
Nu al, nog niet
Zo leven we tussen het nu al en het nog niet. Met ons hart gericht op het Koninkrijk dat komt en met onze voeten stevig op de aarde. Waar we, soms aarzelend en soms falend, proberen iets van Gods vrede, recht en liefde zichtbaar te maken. Door te kiezen voor liefde, vertrouwen, gehoorzaamheid en dienstbaarheid.
Tot de dag komt dat bidden niet meer nodig is, omdat Gods Koninkrijk alles zal zijn wat er is.
Geschreven door: Else Schaap