Misschien ken jij dit kinderlied ook wel: “Wees ook jij een discipel,
een discipel van de Heer’.” De woorden lijken eenvoudig. Ja, natuurlijk. Ik wil Jezus volgen. Maar wat betekent dat eigenlijk als je leven niet netjes uitgestippeld is? Als je vragen hebt, dingen niet begrijpt en soms liever zelf bepaalt waar je heen gaat?


Discipelschap begint bij een woord dat we gemakkelijk overslaan: volgen
.
Jezus zegt in Markus 8:34: “Zo iemand achter Mij wil komen, die verloochene zichzelf, en neme zijn kruis op, en volge Mij.” (SV) Jezus nodigt mensen niet uit om Hem aan hun eigen leven toe te voegen. Hij zegt: ‘Volg Mij.’

Dat klinkt eenvoudig. Tegelijk is het radicaal. Wij leven in een cultuur waarin veel draait om zelfbepaling. Wie ben ik? Wat wil ik? Wat past bij mij? Welke keuzes maken mij gelukkig? Zelfs geloof kan gemakkelijk onderdeel worden van die zoektocht: hoe helpt God mij om het leven te leiden dat ik voor ogen heb?

Jezus draait die richting om. De vraag wordt niet alleen: wat wil ik met mijn leven? Maar ook: waar gaat Jezus met mij naartoe?

Een discipel loopt achter zijn Meester aan. Dat betekent dat de Meester de richting bepaalt. Dat raakt mij. Ik houd ervan om vooruit te kijken, dingen te begrijpen en te weten waar ik aan toe ben. Toch vraagt Jezus niet of ik eerst de hele route begrijp. Hij zegt: ‘Volg Mij.’


Jezelf verloochenen

Dat klinkt misschien zwaar. “Die verloochene zichzelf.” Betekent discipelschap dan dat ik mezelf moet wegcijferen? Dat mijn verlangens er niet meer toe doen?

Nee. Jezus vraagt niet om zelfhaat, maar wel om onszelf anders te plaatsen. Zelfverloochening betekent dat mijn eigen wil niet langer automatisch het hoogste woord heeft. Ik hoef niet voortdurend mijn eigen belangen, gelijk, comfort of verlangens centraal te stellen. Mijn leven krijgt een ander middelpunt: Christus.

Ook psychologisch is dat een diepe beweging. We zoeken van nature naar controle, veiligheid en erkenning. We willen pijn vermijden en zelf kunnen bepalen wat er gebeurt. Discipelschap kan juist betekenen dat ik leer die behoefte aan controle los te laten.

Dat kan heel klein beginnen. Bidden terwijl ik de uitkomst nog niet weet. Geen harde reactie geven omdat ik eerst mijn gelijk wil halen. Een keuze maken die goed is, ook wanneer niemand het ziet. Vergeven terwijl mijn gevoel daar niet vanzelf in meegaat. Opnieuw Gods Woord openslaan wanneer ik liever mijn eigen gedachten volg.

Jezus volgen wordt zichtbaar in het gewone.


Ook als het moeilijk wordt

Het lied zegt:

“Wees bereid Hem te volgen, ook al heb je het niet best. Ook al kun je soms niet
meedoen met de rest.”

Ik vind juist die regels eerlijk. Want Jezus volgen betekent niet dat het leven daardoor altijd gemakkelijker wordt

Soms betekent het dat je anders handelt dan de mensen om je heen. Soms kost gehoorzaamheid iets. En soms is het moeilijkste dat je niet weet waarom God een bepaalde weg met je gaat.

Discipelschap betekent dan niet dat je alle antwoorden hebt, maar dat je weet Wie je volgt.

Dat is een belangrijk verschil. Geloof is geen voortdurende ervaring van zekerheid over de omstandigheden. Je kunt onzeker zijn over de weg en toch vertrouwen op Degene die voor je uitgaat.


Dienen omdat Hij roept

Later zingt het lied: “Wees bereid Hem te dienen, steeds te doen wat Hij je vraagt.”

Ook dat kan gemakkelijk verkeerd worden begrepen. Alsof discipelschap vooral betekent dat we steeds meer voor God moeten doen en Hij ons dan zal aannemen. Christelijk dienen begint gelukkig niet bij wat wij allemaal doen, maar bij Christus.

Hij roept mensen om Hem te volgen. Vanuit die verbondenheid krijgt gehoorzaamheid betekenis. We dienen Hem niet om Zijn liefde te verdienen. We dienen omdat Hij ons eerst heeft liefgehad en geroepen.

Dat verandert ook de vraag die ik mezelf stel. De vraag “Doe ik genoeg voor God zodat Hij mij liefheeft en zegent?” mag veranderen in de vraag of ik steeds meer leer luisteren naar mijn Meester.

Soms zal dat zichtbaar zijn in grote dingen. Veel vaker in het kleine. Een gesprek waarin ik anders reageer. Een grens die ik eerlijk aangeef. Een verleiding waaraan ik niet toegeef. Een moment waarop ik mijn zorgen werkelijk bij God neerleg in plaats van alles zelf te willen dragen.

Dat zijn misschien geen spectaculaire geloofsmomenten. Toch kan juist daar discipelschap groeien.


Kiezen wie je volgt

Het laatste couplet zegt: “Wees bereid om Hem te kiezen, laat maar zien dat jij Hem kent. Ook al lachen ze als jij heel anders bent.”

Dit raakt aan één van onze diepste menselijke behoeften: erbij horen. We willen graag geaccepteerd worden en die behoefte is niet vreemd. We zijn gemaakt voor verbondenheid. Maar juist daardoor kunnen we ook gemakkelijk worden gestuurd door de mening van anderen.

Wat zullen ze ervan vinden? Ben ik niet te anders? Vinden ze mij wel aardig als ik hier echt voor kies?

Jezus volgen betekent soms dat je bereid bent die goedkeuring niet als hoogste norm te gebruiken, omdat Christus uiteindelijk Degene is naar Wie we leren luisteren.

Dat maakt discipelschap niet groot of indrukwekkend, maar juist heel persoonlijk.


Voor jou

Ik denk dat deze vraag onder dit alles ligt: loop ik achter Jezus aan? Dan verschuift je focus van twijfelen of je genoeg doet, perfect genoeg bent of alles begrijpt naar Degene die jij volgt. Ook vandaag. Met mijn vragen, zorgen en wat ik nog niet begrijp. Het lied zegt: “Leg je zorgen en je vragen, ja, leg alles bij Hem neer.”

Waar merk jij dat je het liefst zelf de richting bepaalt? En waar zou Jezus jou vandaag kunnen uitnodigen om Hem te volgen?

Misschien vraagt dat om een keuze, om gehoorzaamheid, of om iets los te laten. Misschien eenvoudigweg om opnieuw je Bijbel open te slaan, te bidden en te zeggen: Heere, ik weet niet precies waar deze weg naartoe gaat. Maar ik wil U volgen.


Door: Martine van Dam
Bron: Lied is geschreven door Peter en Annette Faasse

Inschrijven nieuwsbrief

.